dinsdag 24 november 2009

Debat populisme

Over het onvermogen van links en het succes van radicaal-rechts om de mening van het volk te vertolken

In de gastvrije omgeving van het Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) had de Rotterdamse socioloog Peter Achterberg een inleiding voorbereid onder de titel Populisme in de polder. Afscheid van de linkse arbeidersklasse. Na een korte uiteenzetting over het populisme in Europees verband waarbij ons land aanvankelijk achterliep op landen als Oostenrijk en België, wees Achterberg op de opkomst van Nederlandse politici als Nawijn, Pastors, Verdonk en Fortuyn. Zijn conclusie: er is ruimte op rechts. De vraag is hoe komt dat?

Achterberg heeft samen met zijn collega Dick Houtman een sociologisch kruisschema ontwikkeld, waarbij ze langs een verticale as een onderscheid maken tussen boven ‘cultureel links’ en onder ‘cultureel rechts’. De horizontale as kent aan de linkerkant de waarde ‘economisch rechts’ en aan de rechterkant ‘economisch links’. De maatschappelijke onderlaag/arbeidersklasse/economisch zwakkeren (over de definiëring ontstond veel discussie en ook over de vraag of de arbeidersklasse ooit links is geweest!) zit in het vak rechtsonder. Precies daar waar populistische politiek rechts zich ook ophoudt: cultureel conservatisme wordt hier gekoppeld aan economisch linkse waarden.

De gevolgen hiervan zijn dat er een kloof gaapt tussen burger en politiek. Daarom beschouwen veel van de populistische clubs zich niet als partij, maar vooral als beweging tegen de Haagse kliek en het verfoeide linkse Amsterdamse grachtengordel establishment. De verwachting bij sommigen dat de economisch crisis veel van de vroegere traditionele aanhang weer terug zou brengen bij traditioneel linkse partijen als PvdA en ook SP kwam/komt niet uit. Wilders en zijn PVV heeft economisch linkse thema’s (b.v. AOW en ontslagrecht) opgenomen in zijn populistisch programma en zijn uitstraling.

Merijn Oudenampsen probeerde een antwoord te geven op wat populisme nu eigen is. Het is niet ‘U vraagt, wij draaien’. Door de zwakheid van links is populistisch rechts in staat om het volk te representeren. In analogie van de marketingfilosofie gaat het er niet zo zeer om of het merk aansluit bij de wens van de klant, maar om de klant het gevoel te geven dat hij of zij hoort bij het product. Belangrijk zijn beeldvorming en de politieke bekwaamheid om als beweging de mening van het volk te vormen.

Aan de hand van populaire filosofen uit de tachtiger jaren zoals Louis Althusser, Ernesto Laclau, Chantal Mouffe, Stuart Hall en Antonio Gramsci trachtte Oudenampsen te verklaren hoe rechts in staat is om in het communicatieproces tussen politieke leiders en het volk politieke opvattingen te vormen. Met andere woorden het betreft een ideologische klassenstrijd om het gezonde verstand! Dit vereist een nieuw links, dat in staat is om scheppend te handelen. Alleen zo kunnen we de manoeuvreerruimte voor rechts beperken.

Een geanimeerd debat vormde de afsluiting van de twee lezingen. Thema’s waren onder meer: hoe links was en is de arbeidersklasse eigenlijk; waarom vormen die tachtiger jaren filosofen zo’n belangrijke inspiratiebron voor Oudenampsen; is zo’n schema van Achterberg en Houtman eigenlijk niet veel te simpel?

Hierna werd onder het genot van een drankje de discussie voortgezet en constateerde de redactie van Kritiek tevreden dat dit onderwerp terecht aandacht verdient in het komende nummer. De verwachting is dan ook dat de aangezochte auteurs Achterberg, Houtman en Oudenampsen de discussie op deze Kritiek-bijeenkomst mee zullen nemen in hun artikelen voor het komende jaarboek Kritiek 2010.

Download flyer:

Recensie Kritiek 2009

KRITIEK. JAARBOEK VOOR SOCIALISTISCHE DISCUSSIE EN ANALYSE

Wouter Hiemstra

Kritiek wil de linkse beweging van stof tot nadenken voorzien. Theorie, analyse en discussie staan daarbij centraal. In het ruim 200 bladzijden tellende jaarboek komen twee thema's aan bod, te weten illegale migranten en stedelijke sociale strijd. Bijzonder actuele onderwerpen, die vanuit diverse invalshoeken worden besproken.

In stedelijke sociale strijd wordt volop aandacht besteed aan het fenomeen kraken. Dit wordt in een Europees, sociaal en historisch perspectief geplaatst. Hierdoor ontstaat een breed en interessant kader van waaruit verschillende aspecten worden blootgelegd van wat zowel een basale strijd om huisvesting als een harde strijd met de staat kan zijn. Hoe verhouden de verschillende vormen van kraken zich met elkaar? Gaan zij samen of botsen ze? Door de vragen te verbinden met de Nederlandse kraakpraktijk wordt het geheel tastbaar en concreet.

Vervolgens passeren Duitsland, Engeland en Denemarken de revue. Doordat telkens stil wordt gestaan bij opkomst, hoogtepunt en neergang, ontstaat een helder overzicht. Zo wordt duidelijk welke factoren bij hebben gedragen aan het ontstaan van wat in de jaren zeventig al snel kraakbewegingen werden. Hierbij zijn verrassen veel overeenkomsten te ontdekken. Met name interessant zijn de verschillende reacties van de overheid, van repressie tot overleg. Hoe kregen de verschillende overheden de sterke en buitengewoon actieve kraakbewegingen eronder? Wat voor tactieken pasten zij toe, hoe werd daarop gereageerd? Verdween het activisme?

Het zijn vragen die met het ook op het komende kraakverbod bijzonder interessant zijn. Overheidsbeleid uit Berlijn en Kopenhagen laat voorbeelden zien van keihard repressie, maar ook van regulering en legalisering. Interessant is ook om over de verschillende reacties van krakers, belangengroepen en omwonenden op dat overheidsbeleid te lezen. Zo wordt al snel duidelijk welke kant het in Nederland op zou kunnen gaan. De heldere en overzichtelijke stijl van de verschillende artikelen maakt het geheel prettig leesbaar.

Naast stedelijke sociale strijd, dat het zwaartepunt vormt van het jaarboek, wordt er aandacht besteed aan illegale migratie. In een tweetal artikelen worden verschillende aspecten van migratie en wetgeving behandeld, in Europa en de VS. Een meer uitgebreide en bredere aanpak was hier op zijn plek geweest. Afgezien van enkele genderaspecten en economische en politieke achtergronden van het thema, blijft veel onbesproken.

Het jaarboek doet eigenlijk alleen in een viertal discussiebijdragen haar socialistische ondertitel eer aan. Het gaat hier om discussies over de toekomst van GroenLinks en het internationalisme van de SP, die in de Kritiek van 2008 zijn opgestart. Hierdoor blijft deze Kritiek voor een breed publiek interessant. Het hoge niveau van de diverse artikelen maakt dit jaarboek voor wie geïnteresseerd is in de onderwerpen, een aanrader.

Uit: Globalinfo (eerder gepubliceerd in de nieuwsbrief van de Rooie Rat

vrijdag 30 oktober 2009

Het geografisch-materialisme van David Harvey

Aandachtig gevolgd door een 20-tal aanwezigen liep de progressieve geograaf Erik Swyngedouw rusteloos heen en weer voor zijn geprojecteerde PowerPoint-presentatie op de muren van het gastvrije International Institute for Research and Education (IIRE) in Amsterdam.

Grotendeels aan de hand van zijn bijdrage in het nieuwste nummer van Kritiek nam hij de toehoorders mee in zijn uiteenzetting van het gedachtegoed van de marxistische geograaf David Harvey. Deze wetenschapper is op zeer hoge leeftijd nog actief onder de daklozen van New York.

Met behulp van een veelzeggend citaat van Karl Marx ging Swyngedouw in op de relatie tussen kapitalisme en ruimte: "Capitalism is a specific socio-metabolic process that produces socio-natures" (Capital, Vol.I, p. 165). Niet voor niets heeft één van de recente boeken van Harvey als titel Spaces of hope.

Verschillende thema's kwamen aan bod: de economische crisis, de Zuidas van Amsterdam als de toekomstige stad van de elite, de plaats van migranten en jongeren in de stad en het militant opeisen van hun rechten zoals in Parijs, Athene, het revolutionaire subject, et cetera.


De uitdaging bij dit alles is vooral het als een geloofwaardig project naar voren schuiven van een alternatieve wereld. Met andere woorden: het heruitvinden van de communistische utopie, waarvan de realisatie de logische aflossing dient te zijn van een kapitalistisch systeem dat in alle opzichten in crisis verkeert.

Durven en kunnen we die uitdaging aan?



(foto's bijeenkomst 29 oktober 2009)